Omschrijving
LEes ook onze nieuwsblog over : De Dissidenten
WE HEBBEN DIT AL EENS MEEGEMAAKT... MAAR WE ZIJN HET VERGETEN.
Het is 1916. President Woodrow Wilson – een autoritair leider die de samenleving diep verdeelt, en tevens een blanke racist met openlijke minachting voor grondwettelijke rechten – zit in het Oval Office. Raciale spanningen, ongekende economische ongelijkheid, massale steun voor vakbondsvorming en de opkomst van zowel een reactionaire extreemrechtse militie als een groeiende radicale oppositie brengen de fundamenten van de Amerikaanse samenleving aan het wankelen. Een pandemie ligt nog twee jaar in het verschiet. En de twintigste eeuw is nog maar net begonnen.
De dissidenten volgt een groep historische, invloedrijke politiek cartoonisten die voor het tijdschrift The Masses werkten – Art Young, Boardman Robinson, Cornelia Barns en anderen, die in hun tijd toonaangevend waren maar nu in de vergetelheid zijn geraakt – evenals een fictieve jonge Duitse immigrant uit Cleveland, Joe Hertle, die naar New York is gekomen om naam te maken. Ze komen in contact met de grote oppositiegeluiden van die tijd, zoals de journalisten Max Eastman en John Reed, en de radicale provocatrice Emma Goldman. Wat zij in hun cartoons en illustraties vastleggen, is een land dat in de afgrond tuimelt, aangevallen door Duitse saboteurs en particuliere milities, geteisterd door racisme en opgeschrikt door klassenstrijd. Deze cartoonisten, die verslag doen van de tijd waarin ze leven, worden voor deze misdaad aangeklaagd door de Amerikaanse regering wegens opruiing en voor de rechter gebracht. Er hangen hun gevangenisstraffen van twintig jaar boven het hoofd. Twee anderen worden gedwongen het land te ontvluchten en in ballingschap te gaan. Een derde wordt door het Amerikaanse leger gevangengezet en moet zich opmaken voor zijn executie!
De bekroonde auteur Derf Backderf legt de lat voor het beeldverhaal nog hoger in deze meeslepende, veelzijdige en scherpzinnige originele graphic novel, verteld vanuit het perspectief van de politiek cartoonisten wier werk onze geschiedenis heeft gevormd en er tegelijkertijd een spiegel voorhield. Als journalist die zelf zijn carrière begon als politiek cartoonist, heeft hij een persoonlijke band met het onderwerp. Hij opent een deur naar ons verleden en creëert een verhaal waarin de sterkste elementen van zijn eerdere werk samenkomen. In De dissidenten levert Backderf een volstrekt uniek verslag van de Amerikaanse geschiedenis, waarbij hij verbanden legt met de gebeurtenissen van vandaag die voortkomen uit de zaadjes die meer dan honderd jaar geleden werden geplant.
Reviews
Gemiddelde score 5 / 5
Een turf waarvoor je moet gaan zitten
“Mijn vriend Dahmer” uit 2012 en “Kent State” uit 2020 hebben we de graphic novels van de Amerikaanse kunstenaar Derf Backderf hoog zitten. Met “De Dissidenten” voegt hij andermaal een parel toe aan zijn oeuvre, een turf waarvoor je even moet gaan zitten.
“De Dissidenten” is een historische graphic novel waarin Backderf teruggaat naar een niet al te fraaie episode in de geschiedenis van de Verenigde Staten van Amerika, een uniek tijdsdocument. Het boek overspant de periode tussen 1916 en 1919.
Als jonge politieke cartoonist was hij danig onder de indruk van de persecutie van zijn collega’s in het begin van de 20ste eeuw, dat dit hem niet meer losliet en uiteindelijk resulteerde in een historisch accuraat chef-d’oeuvre. Bovendien zag hij heel wat parallellen met de VS van nu: een president die geen tegenspraak duldt, de jacht op illegale immigranten door ICE en de weigering van kritische media in het Witte Huis. “History repeats itself”.
In de VS werd het album onthaald als één van de beste comics van 2026 en alom geprezen voor het immense onderzoekswerk dat Backderf deed.
Ondanks dat de historische feiten ons weinig bekend zijn, wist het verhaal ons te boeien. Wederom moesten we onze kijk op de Amerikaanse samenleving aanpassen.
Het centrale thema van dit boek is het aan banden leggen van de vrije meningsuiting in het algemeen en de vervolging van niet regeringsgezinde cartoonisten in het bijzonder. Dit laatste wordt treffend geïllustreerd op de veelzeggende cover.
Door de ogen van een fictieve jonge cartoonist, Joe Hertle, zoon van Duitse immigranten, schetst Backderf een beeld van het repressieve beleid van de autoritaire president Woodrow Wilson. Een aantal grootheden uit de sociaalpolitieke cartoon-wereld worden aangeklaagd wegens opruiing. Ze werken allen voor het iconische radicaal marxistische tijdschrift “The Masses” (de massa). De cartoonisten leggen in hun illustraties en spotprenten het Amerika van het moment vast. Een land dat : verdeeld is over de deelname aan WOI, een overschot aan immigranten heeft, aangevallen wordt door Duitse saboteurs en geteisterd door racisme en klassenstrijd.
De cartoonisten betalen een hoge prijs voor hun kritische kijk en bezwijken uiteindelijk onder de repressie. De toevoeging van de originele spotprenten geeft dit boek extra cachet. Het is een inspiratiebron voor hedendaagse cartoonisten, die zich het zwijgen niet laten opleggen.
Zijdelings belicht Backderf de impact van de Russische revolutie en de Spaanse griep op de redactie van “The Masses”.
In zijn eigengereide tekenstijl weet de tekenaar ons te raken. Hij is meester in de zwart-witte eenvoud. De klare prenten passen perfect bij de cartoon-sfeer. Hier en daar accentueert hij met kleur, wat het geheel een frisse touch geeft. Het verhaal wordt in een hoog tempo verteld.
De modale stripliefhebber zal niet meteen massaal voor deze graphic novel vallen, maar toch is “De Dissidenten” een beklijvende striproman en vooral een hommage aan de cartoonisten.
Voor wie zich nog meer in deze materie wil verdiepen, is er achteraan nog een lijvig verklarend dossier. (HV)
www.sprokkels-en-brokkels.be
OP EENZAME HOOGTE
Derf Backderf heeft met zijn nieuw boek misschien wel zijn meest ambitieuze boek tot nu toe gemaakt. Na Mijn vriend Dahmer (2012) en Kent State: Vier doden in Ohio (2020) keert hij met De Dissidenten opnieuw terug naar een waargebeurde Amerikaanse geschiedenis, maar deze keer verplaatst hij de lezer naar het begin van de twintigste eeuw.
Het resultaat is een indrukwekkende graphic novel over politieke cartoonisten, censuur, oorlog en de macht van het vrije woord. En vooral: over de ongemakkelijke vaststelling dat geschiedenis zich soms akelig graag herhaalt.
Het verhaal speelt zich af in 1916 (Woodrow Wilson is dan de autoritaire president die grondwettelijke rechten aan zijn presidentiele laars veegt) en volgt de jonge Joe Hertle, een fictieve Duitse immigrant die als tekenaar in New York terechtkomt bij het progressieve tijdschrift The Masses. Rond hem verzamelt Backderf een bonte groep historische figuren en kunstenaars zoals Art Young, Boardman Robinson en Cornelia Barns.
Wanneer Amerika zich steeds nadrukkelijker in de Eerste Wereldoorlog mengt, verandert ook het politieke klimaat. Journalisten als Max Eastman en John Reed (zijn boek 10 Days That Shook The World over zijn ooggetuigenverslag van de Russische Revolutie en de basis voor de film Reds is nog steeds een aanrader) zijn in de ogen van velen gevaarlijke individuen (Eastman zou later door zowel linkse als rechtse radicalen verstoten worden). Kritiek wordt verdacht, pacifisme wordt bijna landverraad en politieke tekeningen blijken plots gevaarlijke wapens. Backderf maakt van die historische achtergrond geen droge les, maar een spannend en voortdurend dreigend verhaal.
Zijn scenario is daarbij bijzonder sterk. Zoals in Kent State is zijn aanpak grondig gedocumenteerd, maar Backderf vergeet nooit dat een strip in de eerste plaats moet vertellen. De historische feiten worden personages, conflicten en scènes. De fictieve Hertle vormt daarbij een uitstekende ingang: via zijn ogen ontdekken we zowel de kunstenaarswereld van The Masses als de steeds repressievere samenleving waarin zij proberen te werken. Dat geeft het boek een menselijke dimensie die een puur historische reconstructie gemakkelijk had kunnen missen.
Ook grafisch is De Dissidenten een bijzonder geslaagd werk. Backderfs hoekige, karikaturale tekenstijl heeft nog altijd iets ontwapenends, maar wordt hier gekoppeld aan een indrukwekkende hoeveelheid historische details. Gezichten, interieurs, kleding, straatbeelden en drukkerijen ademen de periode. Nog sterker is de manier waarop Backderf zijn eigen tekeningen laat dialogeren met authentieke politieke cartoons uit die tijd.
Daardoor voelt het boek niet alleen als een reconstructie van een verdwenen wereld, maar ook als een eerbetoon aan kunstenaars die geloofden dat een tekening daadwerkelijk iets kon veranderen.
Wie Mijn vriend Dahmer kent, merkt hoe ver Backderf inmiddels is geëvolueerd. Daar was hij vooral de ooggetuige: iemand die terugkeek op een jongen die later een seriemoordenaar zou worden. De kracht zat in de intimiteit en de beklemmende alledaagsheid. Kent State schoof vervolgens op naar de historische onderzoeksstrip, waarin een maatschappelijk drama minutieus werd gereconstrueerd. De Dissidenten brengt die twee kwaliteiten samen. Het persoonlijke perspectief van Hertle zorgt voor betrokkenheid, terwijl het onderzoek de geschiedenis gewicht geeft.
Daarmee is De Dissidenten niet alleen een uitstekend historisch stripverhaal, maar ook een bijzonder actuele waarschuwing. Backderf hoeft nauwelijks met de vinger naar het heden te wijzen. De parallellen tussen politieke polarisatie, censuur en de groeiende vijandigheid tegenover kritische stemmen spreken voor zichzelf. Dat maakt dit album soms verontrustend, maar vooral noodzakelijk. Backderf bewijst opnieuw dat geschiedenis in een strip niet kleiner hoeft te worden. Integendeel: in zijn handen krijgt ze een gezicht, een stem en vooral een scherpe pen. Dit ambitieus boek is intelligent, meeslepend en visueel overtuigend. Een nieuw hoogtepunt in zijn oeuvre.
Zoals Edel Rodriguez op de achterflap schrijft: dit is essentiele lectuur.
Martin J. Floré
Wie de flaptekst van De dissidenten leest, verwacht een klassiek Amerikaans rechtbankdrama. We lezen over een handvol dwarse cartoonisten die onder de dreiging van twintig jaar cel wegens opruiing de degens kruisen met een overheid in oorlogskoorts, culminerend in een heroïsche vrijspraak. Maar Derf Backderf is geen maker van Hollywood-clichés, de werkelijkheid was destijds een stuk cynischer en absurdistischer.
De twee opeenvolgende processen tegen de redactie van het radicale socialistische tijdschrift The Masses liepen uit op een hung jury. Terwijl justitie hen wegens schending van de beruchte Espionage Act achter de tralies probeerde te krijgen, zat stercartoonist Art Young in de beklaagdenbank openlijk te dutten en spotprenten van de aanklager te schetsen. Hij werd wakker gepord wanneer hij zelf moest getuigen, om daarna weer in slaap te sukkelen. Niemand ging de cel in en na afloop proostte het gezelschap uitgelaten op “verdeelde jury’s”.
Toch tekent het slot een bitter verlies. In plaats van door een rechterlijk vonnis werd The Masses gevloerd door bureaucratische wurging. Zodra de postvergunning van het blad werd ingetrokken, stierf het een geruisloze dood aan het postloket. Wie niet bezorgd mag worden, bestaat immers niet.
Een groot deel van de geschiedenis die Backderf in dit vuistdikke boek blootlegt, is diep begraven en weggepoetst. Niet in de zin van een vage herinnering die even opgefrist moest worden, maar als een blinde vlek die met harde hand wordt weggewassen.
Om die vergeten wereld invoelbaar te maken, kiest Backderf voor een slimme verteltruc. De fictieve protagonist Joe Hertle is een jonge Duitse immigrant en broodtekenaar uit Cleveland die in 1916 naar New York trekt om zijn geluk te beproeven. Hij begint met het fabriceren van brave krantenpuzzels en visuele niemendalletjes.
Hertles echte ontwaking is politiek en fysiek pijnlijk. Wanneer hij in Cleveland uit nieuwsgierigheid een toespraak van de charismatische vakbondsleider “Big Bill” Haywood bijwoont, valt de politie de zaal binnen. In de resulterende straatveldslag wordt Joe onder een passerende tram geduwd. Hij overleeft het ternauwernood, maar verliest een onderbeen. Getekend door zijn houten prothese en gekweld door schuldgevoel arriveert hij in Greenwich Village, waar hij op slag verliefd wordt op de ontembare energie van The Masses.
Als lezer loop je aan Hertles hand mee. We zien hoe hij binnentreedt in de chaotische redactievergaderingen waar democratisch met handopsteken wordt gestemd over elk artikel en elke prent. Hertle raakt verzeild tussen de kopstukken: hoofdredacteur Max Eastman, de onverschrokken oorlogscorrespondent John Reed (auteur van Ten Days That Shook the World), feministe Louise Bryant, literaire bohemiens als Floyd Dell en anarchiste Emma Goldman.
Tegelijkertijd begint Joe een stormachtige verhouding met Ethel Bernstein, een jonge Russische activiste van de Unie van Russische Arbeiders, die hem voortdurend confronteert met zijn eigen naïviteit. Hertle is de literaire avatar van Backderf zelf, ooit begonnen als politiek cartoonist in Ohio, en maakt van het boek een meeslepende ontwikkelingsroman over de tekenpen als politiek wapen.
De meest schokkende openbaring van De dissidenten zit in het genadeloos ontmaskeren van het politieke klimaat onder president Woodrow Wilson. In de gangbare geschiedenisboekjes en op internet wordt Wilson veelal herinnerd als de verheven idealist van de Veertien Punten en de Volkenbond. Backderf veegt die mythe met ferme penseelstreken van tafel en toont een kille, autoritaire reactionair die in zijn repressiedrang, xenofobie en minachting voor burgerrechten moeiteloos kan wedijveren met figuren van het formaat Trump.
Wilson won zijn herverkiezing in 1916 op de cynische belofte Amerika buiten de Eerste Wereldoorlog te houden (“He kept us out of the war“), om een paar maanden later de oorlogsverklaring door te drukken. Hierop volgde een ongekende binnenlandse terreurcampagne. Met de Espionage Act van 1917 en de Sedition Act van 1918 werd elke kritische stem vogelvrij verklaard. Socialistisch presidentskandidaat Eugene Debs kreeg tien jaar gevangenisstraf voor een enkele toespraak.
Ronduit ontluisterend is hoe Backderf de American Protective League (APL) uit de geschiedenis opgraaft. Dit was een geheime burgerwacht van tegen de 300.000 fanatieke patriotten, bankiers en zakenlui die met officiële zegen van het Ministerie van Justitie opereerden. Met valse badges en knuppels bestormden zij saloons, vielen ze stakers aan, openden ze privébrieven en arresteerden ze honderdduizenden mannen op straat tijdens hysterische razzia’s op dienstweigeraars. Duits-Amerikanen en andere immigranten met een streepje (“hyphenates“) werden bespioneerd en geterroriseerd. Joe’s vader verliest zijn baan in de bandenfabriek nadat APL-agenten hem thuis intimideren. Dat dit gigantische bolwerk van gelegaliseerd fascisme nagenoeg begraven is in het collectieve geheugen, maakt Backderfs minutieuze onderzoekswerk, dat hij onderbouwt met tientallen pagina’s bronnen en historische annotaties achterin, ronduit monumentaal.
Backderf romantiseert links niet blind. Naarmate het oorlogsjaar 1918 vordert en de gruwelen van de Spaanse Griep, de lynchpartijen tijdens de ‘Rode Zomer’ van 1919 en de Russische Burgeroorlog zich opstapelen, toont hij de desillusie en ideologische breuklijnen.
Wanneer The Masses onder de naam The Liberator een doorstart maakt, is de ziel eruit. Het blad is voorzichtiger, mist het reusachtige formaat van zijn voorganger en vervalt gaandeweg in strakke partijdiscipline.
Visueel levert Backderf een meesterproef af. Hij monteert authentieke historische prenten van giganten als Art Young, Boardman Robinson en Cornelia Barns rechtstreeks tussen zijn eigen hoekige, expressieve undergroundtekeningen.
Tijdens het lezen bekruipt onvermijdelijk een golf van melancholie en nostalgie. Wat is het ontzettend zonde dat dit soort bladen vandaag de dag nauwelijks nog bestaan. Ze waren ongefilterd, ontembaar, artistiek verheven en ideologisch compromisloos. In een hedendaagse wereld die bol staat van oorlog, politieke polarisatie en sluipende censuur, voelt het gemis van een baken als The Masses acuter dan ooit.
De dissidenten is de logische kroon het oeuvre van Backderf. Waar hij in de culthit Mijn vriend Dahmer (2012) als tienergetuige het ontstaan van een monster ontleedde en in Trashed (2015) de smerige realiteit van de afvalwereld tekende, zette hij met het gelauwerde Kent State (2020) definitief de stap naar meedogenloze onderzoeksjournalistiek.
De dissidenten trekt die thematische lijn rond overheidsgeweld en burgerlijke ongehoorzaamheid nog breder. Zijn typische, hoekige undergroundstijl heeft de rauwheid van zijn vroege werk behouden, maar combineert dat inmiddels met de forensische precisie van een historicus. Door zijn persoonlijke achtergrond als ex-cartoonist in Ohio te versmelten met een fictieve gids, levert hij een werk af dat minder intiem is dan Dahmer, maar qua urgentie, reikwijdte en vertelkracht moeiteloos kan wedijveren met Kent State.
Backderf sluit af zonder moraliserend toontje. Op de allerlaatste bladzijde constateert hij simpelweg dat de Sedition Act in december 1920 werd ingetrokken, maar dat de Espionage Act van 1917 tot op de dag van vandaag onverkort van kracht is. De dissidenten laat de naakte feiten spreken. Het is een angstaanjagend actueel meesterwerk over de kwetsbaarheid van het vrije woord en de machinaties van een staat die satire vreest wanneer ze raak is. www.9dekunst.nl
win een cadeaubon ter waarde van €5 Schrijf een review